Afscheidsinterview DKK bestuurslid Ate van Balen

Afscheidsinterview met Ate van Balen, zijn terugblik op het DKK-bestuur en tips voor de toekomst
Ate van Balen neemt na bijna 10 jaar afscheid als bestuurslid van onze vereniging. Als VUT’er was hij in die periode ook actief in zijn woonplaats, als voorzitter van Dorpsplatform Overasselt. Wat heeft hij geleerd en gedaan en welke tips heeft deze ervaren bestuurder voor dorpsbelangenorganisaties en dorpshuizen? We hielden een interview met Ate.

Wanneer en waarom werd je bestuurslid bij de DKK Gelderland?

“Mijn eerste bestuursvergadering maakte ik mee in december 2006. Destijds heette het natuurlijk nog Vereniging Kleine Kernen. In mijn dorp Overasselt bestond toen alleen een contactgroep en die had de ambitie om een Dorpsplan te maken. In een informatiegesprek met iemand van de VKK hoorde ik van de vacature voor een bestuursfunctie. Het leek mij een goed idee om dicht bij het vuur te zitten. Alle informatie en contacten konden nuttig zijn voor de ontwikkelingen in mijn dorp. Met hulp van voorbeeldstatuten van andere dorpsbelangenorganisaties, die de VKK beschikbaar stelde, kon ik al snel zelf aan de slag om ook in Overasselt een officieel Dorpsplatform op te richten.”

Hoe heb je je tijd als bestuurslid ervaren?

“Het bestuur van de DKK bestaat uit betrokken en geïnteresseerde bestuursleden met oog voor de ontwikkelingen in de dorpen, wijken en kleine kernen. We doen meer dan subsidie aanvragen! Dat we een ‘meewerkend bestuur’ zijn, heb ik altijd onze kracht gevonden. Zelf kende ik als voorzitter van het Dorpsplatform de processen, maar door het regelmatig bijwonen van bijeenkomsten in andere dorpen, zag ik ook hoe de zaken elders ging, dat was zeer leerzaam. In het ROCOV en in de voormalige gebiedscommissie van Rivierengebied-Oost mocht ik onze vereniging vertegenwoordigen. Daar heb ik ook tal van projecten voorbij zien komen en advies mogen geven. Dit gaf een mooi overzicht van de provinciale ontwikkelingen en alles en iedereen dat hier invloed op uitoefent.”

Met jouw achtergrond en ervaring heb je vast nog wel een paar tips voor bestuursleden van dorpsbelangenorganisaties en dorpshuizen? 

“Ja, allereerst goed contact. Uit eigen ervaring kan ik zeggen dat goed contact met je eigen Burgemeester en Wethouders erg belangrijk is. Zorg ervoor dat het dorpsbelang ook bij de gemeente hoog op de agenda staat. Goed contact betekent ook korte lijnen en vroeg betrekken. Wij hebben in ons dorp nu twee CPO projecten gerealiseerd met in totaal 25 woningen voor starters. Het eerste CPO project is letterlijk aan de keukentafel van de wethouder gestart, over korte lijnen gesproken! Minstens even belangrijk is goed contact met je dorpsgenoten. Door een paar keer per jaar een nieuwsbrief te schrijven, informeer je de mensen in het dorp. Door bij projecten de mensen te betrekken en te laten meedenken, ontstaat een soort gezamenlijk eigendomsgevoel. In ons dorp is na tal van bijeenkomsten vorm gegeven aan een nieuw dorpsplein. De mensen behandelen en beschermen deze ruimte nu als hun eigen voortuin!

Ten tweede, betrokkenheid. Zoals het DKK-bestuur betrokken is bij de dorpen in de provincie, moet een bestuur op dorpsniveau in mijn ogen betrokken zijn bij bewonersinitiatieven, hoe klein ook. Als bestuurslid heb je handige contacten en weet je hoe procedures gaan zodat je initiatiefnemers kunt helpen, zonder het project over te nemen. Maar ook simpelweg een initiatief steunen en de betrokkenen een hart onder de riem steken is al een positieve bijdrage. 

En tot slot, een bestuurslid van een dbo of dorpshuis heeft doorzettingsvermogen nodig! Bij het eerste CPO-project moest ik zo vaak naar het gemeentehuis om de plannen te bespreken en onder de aandacht te houden, dat ik het gevoel had een ‘drammer’ te zijn. Maar ik had een duidelijk doel voor ogen. Een doel dat door de hele bevolking werd gesteund dus ik kon rekenen op draagvlak. Ik was ‘drammerig’ voor de goede zaak! 

Je gaat afscheid nemen van de vereniging, wat wil je onze club als aandachtspunt meegeven?

“Houd oog voor voorzieningen die door vergrijzing bijvoorbeeld onder druk staan. De provincie moet hier oog voor houden, maar ook via andere instanties kunnen voorzieningen in stand gehouden worden. Schakel bijvoorbeeld de hulp van het ROCOV in als het gaat over het Openbaar Vervoer in je dorp.”

En… Wat ga je nu doen?

“Dit jaar wordt ik 73 en ik neem afscheid van een aantal dingen om plaats te maken voor jongere bestuurders. Ik verlaat daarom de DKK, het Dorpsplatform Overasselt en het ROCOV.  Ik ben altijd een actief beestje geweest, dus ik ga zeker niet stil zitten. Ik heb een grote tuin, maar als ik het een beetje zie zitten, ga ik in navolging van een schitterend project in de straat hiernaast, ook met mijn buren aan de slag om hier de gemeenteplantsoenen op te fleuren. Verder blijf ik zingen in het Nijmeegs mannenkoor, elke drie weken wandelen met een groep vrienden, ik heb daar net nog een tocht voor uitgezet hier in de Vennen! En ook blijf ik voorzitter van de Probusclub Ithaca.”

 

Ate, bedankt voor je inzet, veel succes met alles en graag tot ziens! 

 

Josien Durieux

Locatie

Overasselt
Deel: 

 

 

Kracht en initiatief van bewoners